Selecteer rechtsboven de soort van uw interesse. Op de pagina's staan determinatie kaarten waarmee u overzichtelijk vergelijkbare soorten kunt determineren. De kaarten zijn per groep beschikbaar, onderverdeeld op taxonomie. Voor sommige groepen, bijvoorbeeld roofvogels zijn meerdere kaarten gemaakt. Kiekendieven en Wouwen, Arenden en Buizerds staan op een eigen pagina. De kaarten bevatten duidelijke tekeningen een verspreidingskaartje en de belangrijkste kenmerken. In de komende maanden worden meer kaarten toegevoegd.

Voor de beginnende vogelaar is determinatie een grote uitdaging. Een zeer belangrijk kenmerk is de zang of het geluid van de vogel. Dit leert men vooral door veel oefenen. Het beste is om een tiental geluiden per jaar te oefenen. Vogels hebben verschillende roepen waaronder de waarschuwing, de herkenning, de broedzang en onderlinge communicatie. Sommige vogels zijn "praatziek" zoals de huismus, anderen zoals de Knobbelzwaan, maken zelden geluid. In het voorjaar zingen de meeste vogels veel en is de beplanting vaak nog open. Naarmate het broedseizoen vordert worden de vogels stiller, tijdens het broeden wordt nog maar weinig gezongen. Een ander belangrijk punt is habitat en verspreiding. Soorten komen in bepaalde streken voor met een voorkeur voor bepaalde gebieden. De Baardman vindt men slechts in enkele streken in Nederland en is altijd gekoppeld aan uitgestrekte rietvelden. Verreweg de meeste steltlopers zijn gebonden aan open wateroppervlaktes met lage kant begroeiing. Een ander kenmerk is migratie, vele soorten (met name insecteneters en water gebonden soorten) trekken in de herfst naar het zuiden. Velen passeren ons land en een basiskennis van migrerende soorten dan wel soorten die hier broeden en migreren of standvogel zijn, is zeer informatief. Het belangrijkste blijft natuurlijk de vogel zelf. Welke grootte, welke kleuren, mannetje, vrouwtje of juveniel? Hoe werd de vogel waargenomen? Zwevend in de lucht, zingend in een boom, verborgen of juist vanaf een open punt? Een goede vogelgids is hierbij onontbeerlijk. Onze ervaring leert dat een gids met tekeningen beter werkt dat een gids met foto's. Met een gewone verrekijker (7x50, 7x35 of 10x50), een goede gids op een vogelrijke plaats kunnen 50 soorten of meer worden waargenomen. Hieronder een voorbeeld van een uitgebreide, zogenaamde topografische kaart.